De magie van Milaan: Dansen op de dunne lijn tussen sport en kunst
De sfeer in de Milano Ice Skating Arena is op dit moment niets minder dan elektrisch. Als danser met ruim 30 jaar ervaring kijk ik met een heel specifieke blik naar het kunstrijden tijdens deze Olympische Winterspelen. Voor velen is het een sport van sprongen en punten, maar voor ons in de danswereld is het de ultieme vorm van expressie op een onmogelijke ondergrond. Wat we gisteren zagen tijdens de korte kür van de mannen, was niet alleen een technisch hoogstandje, maar ook een verschuiving in hoe we naar spektakel en regels kijken.
Terwijl de wereld kijkt naar de medaillespiegel, zie ik de passie, de spanning en de enorme druk die op deze atleten rust. Het is een wereld waar een fractie van een seconde het verschil maakt tussen goud en een pijnlijke val. Dat zagen we gisteren heel duidelijk bij de favorieten, waarbij de ene schitterde en de andere een duur foutje moest bekopen.
Ilia Malinin: De 'Quad God' maakt zijn reputatie waar
De absolute ster van de avond was de 21-jarige Amerikaan Ilia Malinin. Hij wordt niet voor niets de 'Quad God' genoemd. Met een score van 108.16 zette hij de concurrentie op grote afstand. Volgens de verslaglegging van de NOS voerde hij twee viervoudige sprongen loepzuiver uit. Maar wat mij als danser echt raakte, was zijn durf om de grenzen van de sport op te zoeken.
Malinin bracht namelijk de backflip terug op het olympische ijs. Jarenlang was deze sprong verboden en werd het gezien als 'circusvermaak' dat niet thuishoorde in de klassieke kunstrijwereld. Sinds dit seizoen heeft de International Skating Union (ISU) de regels echter versoepeld. Hoewel de backflip technisch gezien geen punten oplevert, doet het wel wonderen voor de artistieke score en de connectie met het publiek. Het is een 'flourish' die laat zien dat de sport moderniseert. Naast zijn sprongen imponeerde hij met zijn eigen 'raspberry twist', een beweging die zijn technische superioriteit onderstreept.
De artistieke strijd met Yuma Kagiyama
Zijn grootste concurrent, de Japanner Yuma Kagiyama, liet zien dat techniek alleen niet alles is. Kagiyama staat bekend om zijn fabelachtige schaatskwaliteit en muzikaliteit. Helaas maakte hij een fout bij zijn drievoudige axel, wat hem kostbare punten kostte. Toch staat hij met een score van 103.07 nog steeds op schootsafstand van Malinin. Het verschil tussen deze twee rijders is fascinerend: waar Malinin de kracht en de acrobatiek opzoekt, brengt Kagiyama een verfijning die je bijna alleen in de klassieke balletwereld ziet. Het belooft een zinderende ontknoping te worden tijdens de vrije kür op aanstaande vrijdag 13 februari.
De Minion-kwestie: Een les in muziekrechten voor elke danser
Een van de meest besproken momenten van deze Spelen was de kür van de Spanjaard Tomas-Llorenc Guarino Sabaté. Hij verscheen op het ijs in een geel shirt en een blauwe tuinbroek, volledig in stijl van de populaire Minions. Hoewel hij met een score van 69.80 de vrije kür niet haalde, is zijn verhaal een belangrijke les voor iedereen in de dans- en entertainmentwereld.
In de aanloop naar de Spelen was er namelijk grote onzekerheid of hij zijn muziek wel mocht gebruiken. Universal Studios, de eigenaar van de rechten, maakte in eerste instantie bezwaar. Pas na een storm van protest op sociale media en bemiddeling via het ClicknClear-systeem, kreeg hij op het allerlaatste moment toestemming. Dit is iets wat we bij Miss Salsa ook vaak benadrukken: muziekrechten zijn geen bijzaak. Of je nu op een olympisch podium staat of een choreografie maakt voor een lokale dansschool, het regelen van de juiste licenties is belangrijk om je artistieke visie te kunnen delen.
Waarom we de Nederlandse vlag missen in deze discipline
Het is een terugkerend thema in Studio Olimpico: het succes van landen als Italië en het ontbreken van een sterke Nederlandse afvaardiging in het kunstrijden. Savine Wielenga, recordinternational van het Nederlandse ijshockeyteam, merkte op dat Nederland in veel wintersporten uitblinkt, maar dat we in de artistieke disciplines op het ijs vaak de aansluiting missen. In een interview met de NOS werd dit gemis besproken.
Bij Miss Salsa zien we dat de passie voor dans in Nederland enorm is, maar de vertaling naar het ijs vraagt om een specifieke infrastructuur en vroege specialisatie. Toch zien we dat iconen zoals Jutta Leerdam de schaatssport internationaal op de kaart zetten door hun uitstraling en presentatie. Zoals Marianne Timmer al aangaf, trekken zulke persoonlijkheden nieuw publiek aan en stimuleren ze jonge mensen om ook de schaatsen onder te binden. Het zou prachtig zijn als deze populariteit uiteindelijk ook doorsijpelt naar het kunstrijden.
Wat dansers kunnen leren van de olympische top
Als ik naar deze atleten kijk, zie ik meer dan alleen sport. Ik zie de discipline die wij in de danszaal ook elke dag opbrengen. Er zijn een paar concrete punten die elke danser uit deze olympische prestaties kan halen:
- Mentale veerkracht: Kijk naar Kagiyama. Ondanks een grote fout in zijn korte kür, bleef hij in zijn performance en wist hij de schade te beperken. In de danswereld gaat er ook wel eens iets mis, maar de show gaat door.
- Innovatie binnen de regels: De backflip van Malinin laat zien dat je tradities kunt uitdagen zonder de essentie van je kunstvorm te verliezen.
- Authenticiteit: De 'Minion-kür' van Guarino Sabaté was misschien technisch minder zwaar, maar het publiek hield van hem omdat hij iets unieks en persoonlijks bracht.
Terwijl we ons opmaken voor de vrije dans van morgen, woensdag 11 februari, waar de paren hun creativiteit de vrije loop laten, blijft de boodschap duidelijk: techniek is de basis, maar de passie en de durf om buiten de lijntjes te kleuren maken je een echte kampioen. Wij houden de ontwikkelingen in Milaan nauwlettend in de gaten, want de grens tussen de ijsbaan en de dansvloer is in mijn ogen flinterdun.