Dansen op het ijs: spanning bij de ploegenachtervolging

Wie mij een beetje kent, weet dat ik bij de Olympische Spelen niet alleen naar de medailles kijk, maar vooral naar de beweging. En eerlijk is eerlijk: wat we dit weekend in Milaan zien, heeft verdraaid veel weg van een choreografie op het allerhoogste niveau. Terwijl de shorttrackers als dartele solisten over het ijs vliegen, draait het bij de ploegenachtervolging voor vrouwen om die ene heilige graal in de danswereld: synchronisatie.

De 'Vamos Dancar' spirit uit Brazilië

Voordat we in de techniek van het schaatsen duiken, moet ik het even hebben over hét moment van de achtste dag. De Braziliaan Lucas Pinheiro Braathen schreef geschiedenis door het eerste goud ooit voor Zuid-Amerika te pakken op de Winterspelen. Maar wat mijn danshart sneller deed kloppen? De tekst achterop zijn helm: "Vamos Dancar" (Laten we dansen).

Braathen is niet zomaar een skiër; hij is een entertainer die de samba letterlijk naar de piste brengt. In een interview met NU.nl zagen we hoe hij na zijn winst op de reuzenslalom zijn emoties de vrije loop liet. Dat ritme, die flair... het herinnert ons eraan dat sport ook gewoon een vorm van expressie is. Bij Miss Salsa zeggen we altijd dat je moet dansen met je hart, en dat is precies wat deze man op de latten doet.

Spanning bij de Nederlandse vrouwen

Terug naar de ijsbaan in Milaan. Zaterdag 14 februari stonden de kwartfinales van de ploegenachtervolging op het programma. Onze Oranje-vrouwen — Joy Beune, Antoinette Rijpma-de Jong en Marijke Groenewoud — gingen als topfavoriet het ijs op. Maar zoals elke danser weet: één misstap en de hele formatie wankelt.

Het scheelde namelijk maar een haartje of het ging mis. Tijdens de rit trapte Antoinette Rijpma-de Jong per ongeluk op de schaats van Joy Beune. In de danswereld noemen we dat een 'clash' in de partnerwork, en op het ijs is dat bij 50 kilometer per uur levensgevaarlijk. Ondanks dat momentje van paniek klokten ze de derde tijd (2:55,65), wat genoeg is voor de halve finales aanstaande dinsdag 17 februari.

Wat mij opviel in mijn 30 jaar ervaring met groepschoreografieën, is hoe kwetsbaar zo'n trio is. De onderlinge afstand moet constant blijven, de slagen moeten exact gelijktijdig. Als één iemand uit het ritme raakt, verliest de rest de 'flow'. Dat ze ondanks dat incidentje toch door zijn, getuigt van enorm veel onderling vertrouwen.

De flow van Jens van 't Wout

Terwijl de langebaanschaatsers nog strijden om hun plek, is Jens van 't Wout de onbetwiste koning van de shorttrackhal. Hij pakte dit weekend zijn tweede gouden medaille op de 1.500 meter. De manier waarop hij door de bochten snijdt, doet me denken aan een perfect uitgevoerde 'spin' in de salsa: balans, focus en de kracht om op het juiste moment te versnellen. Volgens de berichtgeving van de NOS is zijn geheim simpel: de chocoladesoesjes bij het buffet. Misschien moeten we die ook maar eens introduceren in de dansschool!

Wat wij als dansers hiervan leren

In de praktijk kijken we vaak naar individuele prestaties, maar de ploegenachtervolging laat zien dat het collectief sterker is dan de som der delen. Concreet betekent dit voor ons op de dansvloer:

  • Ruimtelijk bewustzijn: Weten waar je partner is zonder te kijken. De schaatssters voelen elkaars windschaduw, wij voelen de connectie in de handen.
  • Herstelvermogen: Als Antoinette op een schaats trapt, stopt ze niet. Ze corrigeert en gaat door. In een show gaat er ook wel eens wat mis, maar het publiek mag het nooit zien aan je gezicht.
  • Vertrouwen op de 'lead': De voorste schaatser bepaalt het tempo, de rest volgt blindelings. Dat is pure overgave.

Dinsdag 17 februari om 14:52 uur zitten we weer klaar voor de halve finales. Nederland neemt het dan op tegen Japan. Het wordt een strijd op de millimeter, een synchroonspel waarbij de kleinste hapering het verschil tussen goud en zilver kan betekenen. Ik kijk in ieder geval met een schuin oog naar de techniek, want die 'ijs-dans' blijft een van de mooiste onderdelen van de Spelen.

Terug naar blog

Reactie plaatsen